-
1 kritiekloos
♦voorbeelden:1 iets kritiekloos aanvaarden/overnemen • accept/adopt something without question -
2 iets kritiekloos aanvaarden/overnemen
iets kritiekloos aanvaarden/overnemenaccept/adopt something without questionVan Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels > iets kritiekloos aanvaarden/overnemen
-
3 of
of1 [bij tegenstelling] (either …) or2 [verklarend] or3 [na ontkenning of restrictie] (hardly …) when; (no sooner …) than4 [toegevend] although, whether … or (not), no matter (how/what/where 〈enz.〉 )5 [alsof] as if, as though6 [bij twijfel/onzekerheid] whether, if7 [achter vraagwoorden] 〈zie voorbeelden 7〉8 [bij verzwegen hoofdzin] 〈zie voorbeelden 8〉9 [als sterke bevestiging] certainly♦voorbeelden:je krijgt of het een of het ander • you get either the one or the otherhet is óf het een óf het ander • you can't have it both waysze zei weinig of niets • she said little or nothingmin of meer • more or lessvroeg of laat • sooner or later, eventually2 de influenza of griep • influenza, or flu3 nauwelijks was hij thuis of de telefoon ging • hardly/scarcely had he come in when the telephone rang, no sooner had he come home than the telephone rangik weet niet beter of … • for all I know …het kan niet anders of ze is ziek • she must be iller gaat geen dag voorbij of hij bedrinkt zich • not a day goes by without him getting drunkhet is net of het regent • it looks as if it's raining6 ik vraag me af, of hij komen zal • I wonder whether/if he'll comede vraag is of we hem nodig hebben • the question is whether we need himde vraag is óf hij komt • the question is whether he's coming at allwanneer of ze komt, ik weet 't niet • when she is coming I don't know8 of hij nog leeft? • are you asking me whether he's still alive?9 nou en of! • you bet!of ik blij ben! • am I glad!¶ een dag of tien • about ten days, ten days or sohou je mond of ik doe je wat • shut up or you'll be sorry -
4 antwoord
♦voorbeelden:een afwijzend antwoord • a negative answereen bevestigend antwoord • an affirmative answereen positief antwoord • a favourable answerzonder antwoord af te wachten • without waiting for an answerantwoord betaald, betaald antwoord • reply-paidantwoord geven op • reply to, answereen antwoord geven • give an answergeen antwoord geven • make no replyin antwoord op uw brief/schrijven • in reply to your letterten antwoord krijgen • be tolddat is geen antwoord op mijn vraag • that doesn't answer my question -
5 denken
♦voorbeelden:1 het doet denken aan • it reminds one of …dit doet sterk aan omkoperij denken • this savours strongly of briberyik zat net te denken • I was just thinkingwaar zit je aan te denken? • what's on your mind?er anders over gaan denken • change one's mind (about it)denk er nog eens over • give it some more thought, think it overik denk er niet aan • I wouldn't dream of itik moet er niet aan denken • I can't bear to think about itdenk er (maar eens) om! • don't forget!ik denk er net zo over • I feel just the same about itik zal eraan denken • I'll bear it in mindnu ik eraan denk • (now I) come to think of itdenk erom dat het niet weer gebeurt • mind that it doesn't occur againeven denken, hoor • let me seehardop denken • think aloudmin denken over • take a dim view ofaan iets/iemand denken • think/be thinking of something/someoneik probeer er niet aan te denken • I try to put it out of my mindlaten we er niet meer aan denken • let's forget about itik moest er steeds maar aan denken • I couldn't get it out of my headzonder te denken aan het gevaar • without realizing the dangerdaar heb ik geen moment aan gedacht • that never (even) crossed my mind; 〈 vergeten〉 I forgot all about itjij kan alleen maar aan geld denken • all you can think of is moneydaar denken wij in de verste verte niet aan • nothing could be further from our thoughtshij dacht nooit aan zichzelf • he never thought of himselfiemand aan het denken zetten • set someone thinkingik dacht bij mezelf • I thought/said to myselfdenken in geld • think in terms of moneydenk om je hoofd • mind your headals je er goed over denkt, dan … • when one comes to think of it, (then) …er verschillend/anders over denken • take a different view (of the matter)zij denkt er nu anders over • she feels differently (now)stof tot denken geven • give (someone) food for thoughtdat had ik niet van hem gedacht • I should never have thought it of himdat geeft te denken • that makes you thinkwat denk je ervan? hoe denk je erover? • well, what do you think?ik denk er ernstig over om … • I'm seriously thinking of …¶ geen denken aan! • it's out of the question!II 〈 overgankelijk werkwoord〉♦voorbeelden:zou je (dat) denken? • (do) you (really) think so?wat denk je ervan? • what do you think (about/of it)?het zijne ervan denken • have one's own ideas about itwat dacht je van een ijsje? • what would you say to an ice cream?dat dacht je maar, dat had je maar gedacht • that's what you think! 〈klemtoon op ‘you’〉ik dacht van wel/van niet • I thought it was/wasn'twie denk je wel dat je bent? • (just) who do you think you are?wat denk je (eigenlijk) wel! • who do you think you are?2 wat denk je daarmee te bereiken? • what do you hope to achieve by that?wie had dat kunnen denken • who would have thought it?u moet niet denken (dat) … • you mustn't suppose/think (that) …hij denkt te slagen • he expects to/thinks he'll passdat dacht ik al • I thought sodenk dat maar niet • don't you believe itik heb het altijd wel gedacht • I always thought soik zou denken dat • I'm inclined to think thatdacht ik het niet! • just as I thought!…, denk ik • …, I think/supposede beste arts die men zich maar kan denken • the best (possible) doctorje moet maar denken dat het slechts voor heel kort is • try to remember it is only for a short perioddat laat zich denken • I can imaginedenk eens (aan) • imagine!, just think of it!ik dacht bij mezelf dat … • I thougt/said to myself that …ik had zo gedacht … als jij morgen eens naar B. ging • I was thinking … if you went to B. tomorrow4 wat denk je nu te doen? • what do you intend to do now?III 〈wederkerend werkwoord; zich denken; met een bepaling van gesteldheid〉1 [peinzen] think (oneself), imagine♦voorbeelden:denkt u zich eens in mijn positie • put yourself in my position -
6 maar
maar1〈 het〉1 but♦voorbeelden:er is één maar aan verbonden/bij • there is one (large) but————————maar2〈 bijwoord〉4 [met betrekking tot een wens] (if) only5 [aanmaning, waarschuwing] just6 [aanhoudend] just♦voorbeelden:1 je hoeft maar te bellen • you only/just have to phoneal was het maar om haar te pesten • if only to make life difficult for herzeg het maar: koffie of thee? • which will it be: coffee or tea?we konden alleen nog maar huilen • we could do nothing but cryhij is nog maar pas hier • he has only just arrivedzonder ook maar goedendag te zeggen • without so much as a goodbyehij is maar twintig jaar (oud) geworden • he only lived to be twentyzij bloost al, als je maar naar haar kijkt • she blushes if you so much as look at herals ik ook maar een minuut te lang wegblijf • if I stay away even a minute too longlaten we hem maar gelijk geven • let's just agree with him and be done with itdat doet hij maar al te graag • he'd be only too happy to do itdat komt maar al te vaak voor • that happens only/all too oftenhet is misschien maar goed dat we de bus gemist hebben • perhaps it's (just) as well we missed the bushet is maar goed dat je gebeld hebt • it's a good thing you Brangje hebt het maar voor het zeggen • it's up to you, just say the wordik wil wel doorgaan, als het maar klaar komt • I'm prepared to go on, as long as/so long as it's finishedwas ik maar nooit getrouwd • if only I'd never marriedwas ik maar dood • I wish I were deadgeef het nou maar toe • you may as well admit ithet is maar dat je het weet • as long as you know; 〈 je kunt het maar beter weten〉 it's (just) as well you knowlet maar niet op hem • don't pay any attention to himpas maar op • watch out/itschiet nou maar op • hurry up, will you?ik zou maar uitkijken • you'd better be carefulen dan maar klagen dat iedereen zakt • and then go on about everybody failinghet is maar goed ook • a good thing, toowees daar maar niet bang voor • rest assured that that won't happenrustig maar • (just) calm downje gaat je gang maar • go ahead (and do it)en wij maar wachten/werken • and we just wait(ed) and wait(ed)/work(ed) and work(ed)het houdt maar niet op • it never seems to endik vind het maar niks • I'm none too happy about itzij koopt maar raak • she just throws her money abouthé daar, dat gaat zo maar niet • hey you, you can't just sit down/walk in/run off 〈enz.〉like that!en maar kletsen, die vrouwen • talk, talk, that's all they do, these women¶ wat wil je drinken? geef maar een pilsje • what'll you have? a beer, please/I'll have a beerwat je maar wil • whatever you wantgeef dan maar een glas wijn • a glass of wine will be finewaarom doe je dat? zo maar • why do you do that? just for the fun of itdat kun je niet zo maar even doen • you can't do it just like thatzo'n vraag kun je niet zo maar beantwoorden • one can't answer such a question offhandhij gaf het kind zo maar een klap • he hit the child for no reasonzoveel als je maar wilt • as much/many as you like————————maar3〈 voegwoord〉1 [tegenstellend] but2 [in zijdelingse tegenwerpingen] but♦voorbeelden:ik had je willen bellen, maar ik wist je nummer niet • I would have phoned, but/only I didn't know your numberja maar, als dat nu niet zo is • yes, but what if that isn't true?maar ja, wat wil je voor vijftig gulden • but then what do you expect for fifty guildersmaar begrijpt u dat dan niet • but don't you understand?¶ hij keek in de koelkast, maar zag dat die leeg was • he looked in the refrigerator only to find it was emptynee maar! • really! -
7 opgave
♦voorbeelden:opgave doen van iets • give a statement of somethingmet opgave van redenen • stating one's reasonszonder opgave van redenen • without reason givenwij staan hier voor een moeilijke opgave • we are faced with a difficult task -
8 twijfel
1 doubt♦voorbeelden:twijfel koesteren • entertain/have doubtshet lijdt geen twijfel • it is beyond doubtboven (alle) twijfel verheven zijn • be beyond all doubtbuiten/zonder enige twijfel • without any doubt/a shadow of doubtiets in twijfel trekken • cast doubt on something, question something〈 als bijwoordelijke bepaling〉 zonder twijfel • no doubt, doubtless, undoubtedly -
9 voorbijgaan
1 [passeren; verstrijken] pass/go by2 [+ aan] [niet opgemerkt worden door] pass by3 [+ aan] [geen aandacht besteden aan] pass over♦voorbeelden:de jaren gingen voorbij • the years passed byde gelegenheid (onbenut) laten voorbijgaan • miss the opportunityeen kans voorbij laten gaan • pass up a chancemet voorbijgaan van • without regard toin het voorbijgaan • incidentally, by the way, in passinger gaat praktisch geen week voorbij of … • hardly a week goes by when/that …2 wat er gezegd wordt gaat volkomen aan hem voorbij • everything that's said passes him by completelyvoorbijgaan aan details • pass over the detailsaan iemand voorbijgaan • pass someone overuw antwoord gaat voorbij aan mijn vraag • you haven't answered my question
См. также в других словарях:
without question — index decisive, definitive, indubious, undisputed Burton s Legal Thesaurus. William C. Burton. 2006 … Law dictionary
without question — 1) used for saying that something is definitely true He is without question the best player in our team. 2) if someone does something without question, they do it without asking any questions He expected the children to obey without question … English dictionary
without question — certainly. The Lightning are the team that without question will be embarrassed in their opening game. Opposite of: in question … New idioms dictionary
without question — certain, no doubt Lee sang best, without question. She has an excellent voice … English idioms
without\ question — See: beyond question(II) … Словарь американских идиом
without question — beyond any possible doubt … English contemporary dictionary
without question — … Useful english dictionary
Question — Ques tion, n. [F., fr. L. quaestio, fr. quaerere, quaesitum, to seek for, ask, inquire. See {Quest}, n.] 1. The act of asking; interrogation; inquiry; as, to examine by question and answer. [1913 Webster] 2. Discussion; debate; hence, objection;… … The Collaborative International Dictionary of English
question — ► NOUN 1) a sentence worded or expressed so as to obtain information. 2) a doubt. 3) the raising of a doubt or objection: he obeyed without question. 4) a problem requiring resolution. 5) a matter or issue depending on conditions: it s only a… … English terms dictionary
question — ques|tion1 W1S1 [ˈkwestʃən] n ▬▬▬▬▬▬▬ 1¦(asking for information)¦ 2¦(subject/problem)¦ 3¦(doubt)¦ 4 without question 5 there is no question of something happening/somebody doing something 6 in question 7 be a question of something 8 it s… … Dictionary of contemporary English
question — ques|tion1 [ kwestʃən ] noun *** 1. ) count something that someone asks you when they want information: answer a question: Why won t you answer my question? ask a question: I regretted asking the question as soon as the words were out. rephrase a … Usage of the words and phrases in modern English